Hout schuren: grit, methode en volgorde uitgelegd
De Houtwijzer · Doe het zelf
Techniek · schurenWelk schuurpapier voor hout?
De korrelgrootte bepaalt het eindresultaat meer dan welk product je er daarna op smeert. En één regel weegt zwaarder dan alle andere.
- 40 tot 400 grit
- Nooit een korrel overslaan
- Altijd met de vezel mee



De regel die alles bepaalt
Sla geen korrel over. Elke korrel is er om de krassen van de vorige weg te halen; wie een stap overslaat, laat krassen achter die pas opvallen als de beits of olie erop zit.
Schuurpapier wordt ingedeeld op korrelgrootte, aangeduid met een grit-nummer: hoe hoger, hoe fijner. Maar de nummers zijn geen menu waaruit je kiest — ze zijn een trap die je beklimt. Van 80 naar 180 springen lijkt tijdwinst en kost je het resultaat.
De tweede regel is even eenvoudig: schuur altijd in de vezelrichting. Krassen die met de nerf mee lopen, vallen niet op; krassen dwars erop worden door elke afwerking uitvergroot.
Voor een olie- of hardwasafwerking is 150 tot 180 grit ideaal — fijner schuren sluit de poriën en dan trekt de olie minder goed in. Voor lak of beits ga je tot 180 à 220. Verder dan 240 heeft bij hout zelden zin, behalve tussen laklagen.
- 40–60 grit
- zeer grof: materiaal wegnemen, verf afschuren
- 80–120 grit
- grof tot midden: vormgeven en vlak maken
- 150–180 grit
- fijn: klaarmaken voor olie of hardwas
- 220–240 grit
- zeer fijn: voor lak en beits
- 320–400 grit
- tussen laklagen
- Regel
- nooit een korrel overslaan
Eerlijk is eerlijk: schuren neemt materiaal weg, en dat komt niet terug. Bij gefineerd meubilair van 0,6 millimeter, bij een vloer met beperkte slijtlaag of bij een profiel dat scherp moet blijven, is schuren dus niet vanzelfsprekend de oplossing — bijwerken vaak wel.
In beeld · Welke korrel waarvoor
Schematische tekening.
Welke korrel waarvoor
| Korrelgrootte | Grit | Toepassing |
|---|---|---|
| Zeer grof | 40–60 | Snel materiaal wegnemen, oude verf of lak afschuren, ruw hout vormgeven |
| Grof | 80–100 | Zaagsporen wegwerken, vlak maken, hoeken breken |
| Middel | 120–150 | Voorbereiden op de fijne gang, kleine oneffenheden |
| Fijn | 180 | Klaar voor olie of hardwas — het gangbare eindpunt |
| Zeer fijn | 220–240 | Klaar voor lak of beits |
| Extra fijn | 320–400 | Tussen laklagen, of om een afwerking te polijsten |
Elke korrel laat krassen achter ter grootte van zijn eigen korrel. De volgende korrel haalt die weg en laat kleinere achter. Spring je van 80 naar 180, dan is de 180 te fijn om de diepe krassen van de 80 nog weg te halen — je poetst er alleen overheen. Onder een beitslaag zie je ze dan alsnog.
Zo schuur je
- Bepaal je startkorrelRuw gezaagd hout of oude verf: begin bij 60 of 80. Geschaafd hout dat alleen glad moet: begin bij 120. Nooit grover beginnen dan nodig.
- Werk in de vezelrichtingOok met een schuurmachine. Dwarse krassen vallen pas op wanneer de afwerking erop zit, en dan is het te laat.
- Stof tussendoor wegTussen elke korrel afzuigen of afvegen. Achtergebleven grove korrels van de vorige stap krassen door je fijnere gang heen.
- Controleer schuin op het lichtHoud het werkstuk tegen strijklicht — dan zie je krassen en golvingen die bij vlak licht onzichtbaar zijn.
- Bevochtig bij waterbasis-afwerkingMaak het hout na de laatste korrel licht vochtig, laat drogen en schuur licht na met dezelfde korrel. Zo staan de vezels niet pas overeind na de eerste laklaag.
Dichte tropische soorten als ipé en bankirai vragen scherp, nieuw papier: op hard hout slijt de korrel snel bot en dan wrijf je meer dan je schuurt. Vervang het papier vaker dan je bij naaldhout zou doen.
Schuren van buitenhout
Vergrijsde laag wegnemen
Begin bij 80 grit om de grijze, verweerde vezellaag te verwijderen, en werk op naar 120 of 150. Verder dan 180 heeft buiten geen zin.
Geen hogedrukreiniger
Bij zachte houtsoorten slaat die de zachte voorjaarsvezels weg en laat een ruw, geribbeld oppervlak achter dat je daarna alsnog moet schuren.
Meteen behandelen
Vers geschuurd buitenhout neemt olie het best op. Wacht je een week met regen ertussen, dan begin je opnieuw.
Let op splinters
Rond zitvlakken en handgrepen alle kanten af — geïmpregneerd hout is ruw en levert splinters op precies de plekken waar mensen het aanraken.
De volledige aanpak voor tuinmeubelen staat op onderhoud van zachte houtsoorten.
Veelgestelde vragen over schuurpapier voor hout
Welk schuurpapier gebruik ik voor hout?
Begin grof genoeg om de oneffenheden weg te nemen — 60 tot 80 bij ruw hout, 120 bij geschaafd — en werk op tot 180 voor olie of 220 voor lak. Sla nooit een korrel over.
Tot welke korrel moet ik schuren?
180 grit voor olie en hardwas, 220 voor lak en beits. Fijner dan 240 sluit de poriën, waardoor olie minder goed intrekt.
Mag ik dwars op de nerf schuren?
Beter niet. Krassen dwars op de vezel worden door elke afwerking uitvergroot, terwijl krassen in de vezelrichting vrijwel onzichtbaar blijven.
Kan ik een hogedrukreiniger gebruiken op tuinmeubelen?
Bij zachte houtsoorten liever niet — die slaat de zachte voorjaarsvezels weg en laat een ruw oppervlak achter. Borstel, water en groene zeep werken beter.
Schuren in perspectief
Het resultaat van je afwerking wordt bepaald bij de laatste korrel, niet bij het laatste laagje.
Een vraag over jouw project? Stel ze gerust — we denken graag mee.
Foto's via Wikimedia Commons: Vellen schuurpapier van korrel 150 tot 2500, grit-nummer op de rug — Mauro Cateb, CC BY-SA 3.0 · Korrel 120 van dichtbij, met millimeterschaal — Woodsurfsc, CC BY-SA 4.0 · Korrel 220 op dezelfde schaal: merkbaar fijnere korrels — Woodsurfsc, CC BY-SA 4.0